Pigger Speen Muesli in de praktijk

De Pigger Speen Muesli van Gebrs Fuite is de afgelopen maanden steeds zichtbaarder geworden in de markt. Steeds meer zeugenhouders zien de toegevoegde waarde van dit product. De toegevoegde waarde komt vooral voort in een optimale start voor biggen in de speenfase, een cruciale periode waarin gezondheid en groei bepalend zijn voor de verdere ontwikkeling.

 

De muesli onderscheidt zich door zijn smakelijkheid en structuur. Biggen worden gestimuleerd om al vroeg voer op te nemen, waardoor de overgang van melk naar vast voer soepeler verloopt. Dit resulteert in minder speenstress, een betere darmgezondheid en een hogere voeropname. Zeugenhouders merken daardoor vaak een gelijkmatigere groei en minder uitval in de eerste weken na het spenen.

 

Daarnaast speelt de samenstelling een belangrijke rol. De Pigger Speen Muesli bevat zorgvuldig geselecteerde, goed verteerbare grondstoffen die aansluiten bij de behoeften van jonge biggen. Dit draagt bij aan een gezonde darmflora en ondersteunt een sterke start van het immuunsysteem.

 

Het succes van dit product blijkt ook uit praktijkervaringen: de gebruikers geven aan dat er minder speenproblematiek is en een lagere streptococcendruk in de latere opfokfase. Een betere speenfase is van grote invloed op de resultaten in de biggenopfok.

 

Wilt u Pigger Speen Muesli zelf ervaren op uw bedrijf? Vul het contactformulier in, dan neemt één van de adviseurs contact met u op.

 

NVWA scherpt regels voor hokverrijking aan; wat betekent dit voor uw stal?

Hokverrijking staat momenteel hoog op de agenda binnen de varkenshouderij. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, NVWA) heeft de interpretatie van de bestaande regels aangescherpt. Dit heeft gevolgen voor de manier waarop verrijkingsmateriaal in de stal wordt toegepast.

 

Permanent beschikbaar en functioneel materiaal

De kern van de aangescherpte interpretatie is dat varkens permanent toegang moeten hebben tot geschikt verrijkingsmateriaal. Dit materiaal moet zowel eetbaar als wroetbaar zijn. Met andere woorden: het moet aantrekkelijk zijn voor de dieren om te onderzoeken, te manipuleren en (deels) op te eten.

Daarnaast moet het materiaal continu beschikbaar zijn voor de dieren in het hok. De NVWA hanteert hierbij als richtlijn dat minimaal 25% van de varkens tegelijkertijd met het materiaal bezig moet kunnen zijn.

Dit betekent dat een enkele ketting of plastic speeltje niet langer voldoende is als verrijkingsmateriaal. Dergelijke materialen mogen nog wel aanwezig zijn, maar tellen niet meer mee als volwaardige hokverrijking.

Waar let de NVWA op bij inspecties?

Tijdens inspecties let de NVWA onder andere op de volgende punten:

  • Het materiaal is eetbaar en wroetbaar

  • Het is goed bereikbaar voor de varkens (bijvoorbeeld niet boven schouderhoogte)

  • Er is voldoende materiaal aanwezig voor minimaal 25% van de dieren tegelijk

  • Het materiaal is veilig en veroorzaakt geen verwondingen

  • Het blijft interessant en bruikbaar voor de dieren

 

Waarom scherpt de NVWA de regels aan?

De aangescherpte regels sluiten aan bij de ontwikkeling richting het houden van varkens met intacte staarten in de toekomst. Goede hokverrijking wordt gezien als een belangrijke voorwaarde om staartbijten te voorkomen en het welzijn van de dieren te verbeteren.

Overgangsperiode: wanneer gaat NVWA handhaven?

De NVWA geeft varkenshouders eerst de tijd om hun stallen aan te passen. In eerste instantie ligt de nadruk op nalevingshulp en waarschuwingen. Later kan handhaving volgen.

Vanaf 1 juni 2026 kan de NVWA volgens het interventiebeleid daadwerkelijk optreden wanneer bedrijven niet aan de eisen voldoen.

Checklist: voldoet uw stal al aan de nieuwe eisen ?

Loop de komende periode kritisch door uw stal en stel uzelf de volgende vragen:

  • Is het verrijkingsmateriaal eetbaar én wroetbaar?

  • Kunnen 25% van de dieren tegelijk ermee bezig zijn?

  • Is het materiaal continu beschikbaar en goed bereikbaar?

Wanneer u deze vragen met “ja” kunt beantwoorden, zit u in de meeste gevallen al op de goede weg richting de nieuwe NVWA-eisen.

Heeft u vragen over deze regels of wilt u sparren over passende oplossingen in uw stal?

Vliegen bestrijden doe je zo!

Stijgende temperaturen zorgen voor een toename van het aantal vliegen in en rondom de stal. Deze vliegen zorgen niet alleen voor overlast, maar vormen ook een serieus risico voor de gezondheid van uw dieren. Vooral jonge dieren zoals biggen, kalveren en lammeren zijn extra gevoelig voor ziekteverwekkers die door vliegen worden verspreid.

Vliegen komen af op voer, warmte en vocht en kunnen zich razendsnel vermenigvuldigen. Wist u dat één vlieg wel 500 tot 1000 eitjes kan leggen? Daarnaast eten vliegen niet alleen van het voer, maar spugen ze er ook in. Hierdoor verspreiden ze ziektekiemen van dier tot dier.

Het is daarom essentieel om vliegenoverlast in de stal tijdig en effectief aan te pakken.

Tip 1: Zorg voor optimale stalhygiëne

Een goede hygiëne is de basis van vliegenbestrijding. Vliegen worden aangetrokken door:

  • Voerresten
  • Natte plekken
  • Mestophopingen

Zorg ervoor dat voerresten zo snel mogelijk worden verwijderd en voorkom vochtige omstandigheden. Controleer ook regelmatig de mestkelder en verwijder ophopingen zoals “koeken”, waar vliegen zich graag voortplanten.

Tip 2: Bestrijd maden en doorbreek de cyclus

Een effectieve aanpak begint bij de bron: de maden. Door maden te bestrijden voorkomt u dat ze zich ontwikkelen tot volwassen vliegen.

Ziet u gemiddeld 10 vliegen op een dier of muur? Dan kunt u ervan uitgaan dat er binnenkort zo’n 50 extra vliegen bijkomen. Wij adviseren het gebruik van Neporex, een effectief en eenvoudig toepasbaar middel tegen maden. Dit product is breed inzetbaar en helpt de levenscyclus van vliegen te doorbreken.

Neporex is verkrijgbaar bij Fuite in emmers van 5 kg en 20 kg en kan eenvoudig worden toegevoegd aan uw bulk- of zakgoedbestelling.

Tip 3: Vraag deskundig advies voor uw bedrijf

Elke stal en elk bedrijf is anders. Daarom is het belangrijk om een aanpak te kiezen die past bij uw situatie. Vraag uw verkoopadviseur om een passend advies, zodat u geen belangrijke aandachtspunten mist en de bestrijdingsmiddelen optimaal worden toegepast.


Voorkom vliegenoverlast en bescherm uw dieren

Door tijdig maatregelen te nemen en de juiste producten te gebruiken, voorkomt u overlast én beschermt u de gezondheid van uw dieren. Begin vandaag nog met een effectieve vliegenbestrijding en houd uw stal schoon en gezond.

 

 

Prominend Silver; melkpoeder voor efficiënte kalveropfok en lagere voerkosten

Ons jongveeteam introduceert een nieuwe melkpoeder voor kalveren: Prominend Silver. Met deze uitbreiding van het Prominend melkpoederassortiment kunnen melkveehouders gericht sturen op een efficiënte kalveropfok en lagere voerkosten, zonder concessies te doen aan de kwaliteit van de voeding.

 

Efficiënt voeren met melkpoeder voor kalveren

 

Prominend Silver is een uitgebalanceerde melkpoeder voor kalveren met maar liefst 50% magere melk. Dit maakt het product zeer geschikt voor een intensieve kalveropfok. Zowel hogere concentraties als grotere hoeveelheden per kalf zijn eenvoudig toepasbaar. Het hoge aandeel magere melk draagt bij aan een goede verteerbaarheid, wat essentieel is voor een gezonde groei van jongvee. De toevoeging van pre- en probiotica ondersteunt bovendien de darmgezondheid van kalveren.

 

Lagere kostprijs zonder in te leveren op kwaliteit

 

Door de combinatie van intensief voeren en een aantrekkelijke prijsstelling is Prominend Silver een uitstekende keuze voor melkveehouders die sturen op een kostenefficiënte jongvee opfok. Zo haal je het maximale rendement uit je kalveropfok.

 

Altijd een passend melkpoeder voor uw kalveropfok

 

Binnen het brede assortiment Prominend melkpoeders is er altijd een oplossing die aansluit bij uw bedrijfsstrategie en voersysteem. Onze jongveespecialisten adviseren u graag over de beste aanpak voor uw kalveropfok.

 

Meer weten over melkpoeder voor kalveren of advies op maat? Neem gerust contact met ons op.

Inkuilmiddelen in gras: hoogwaardig ruwvoer begint bij goede conservering

Optimaal benutten van eigen ruwvoer blijft een belangrijke prioriteit voor melkveehouders. Door wisselende weersomstandigheden en aangescherpte bemestingsnormen vraagt de ruwvoerteelt in 2026 om doordachte keuzes.

Een goede conservering met het juiste inkuilmiddel is essentieel voor een hoge voederwaarde van uw gras en minimale (inkuil-)verliezen.


Waarom inkuilmiddelen belangrijk zijn voor ruwvoer

Voor kwalitatief hoogwaardig ruwvoer is een juiste conservering in de kuil cruciaal. Het gebruik van een inkuilmiddel zorgt voor:

  • een snelle pH-daling en minder voederwaardeverlies
  • beperking van boterzuurvorming
  • een frisse kuil met minimale broei na opening
  • meer smakelijkheid door meer melkzuur en minder ammoniak

Hoe kies ik het  juiste inkuilmiddel als ik gras inkuil

De keuze voor het juiste inkuilmiddel voor gras hangt sterk af van het droge stof (DS) gehalte van het gewas. In tabel 1 zijn de opties ook schematisch weergegeven.

  • Nat gras inkuilen (tot 30% DS)

Bij nat gras is een snelle conservering essentieel om verliezen te voorkomen.
Gebruik hiervoor Pioneer 1188. Dit inkuilmiddel zorgt voor een snelle verzuring en voorkomt ongewenste fermentatie.

  • Gras inkuilen bij 35–45% DS

Bij een gemiddeld droge kuil ligt het risico op schimmels en broei hoger, vooral bij het uitkuilen. Pioneer 11G22 is in deze situatie een uitstekende keuze en helpt de kuil stabiel te houden.

  • Droog gras inkuilen (meer dan 45% DS)

Bij droge kuilen zijn conserveringsverliezen meestal lager, maar nemen broei en schimmelvorming toe. Gebruik daarom Pioneer 11A44 om de stabiliteit van het ruwvoer te waarborgen.

Tabel 1. Keuze mogelijkheden Pioneer inkuilmiddelen voor gras


Meer rendement uit uw ruwvoerteelt

Door het juiste inkuilmiddel te kiezen, afgestemd op het droge stofgehalte, verbetert u de kwaliteit van uw ruwvoer en voorkomt u onnodige verliezen. Zo haalt u het maximale uit uw eigen ruwvoerteelt.  Meer informatie vindt u op corteva.nl.


Inkuilmiddelen tijdelijk extra voordelig beschikbaar

De inkuilmiddelen van Pioneer zijn tot 15 mei 2026 nog beschikbaar met aantrekkelijke korting. Gebruikt u liever een inkuilmiddel van Barenbrug? Ook deze zijn bij Fuite beschikbaar. Voor alle BONSILAGE producten geldt; tien halen, negen betalen. Deze actie loopt nog tot 8 mei a.s.

Overzicht nieuwe voorwaarden en overgangstermijnen Beter Leven Keurmerk

De nieuwe criteria voor het Beter Leven Keurmerk 1 ster zijn 2 februari jl. bekend gemaakt. Een aantal overgangstermijnen lopen door tot 2050. Er zijn ook criteria die nagenoeg direct ingaan en er zijn criteria die direct ingaan bij ver-/nieuwbouw. We hebben de belangrijkste wijzigingen voor u op een rij gezet in onderstaande tabel.

 

 

In de voorgestelde nieuwe criteria voor het Beter Leven Keurmerk 1 Ster staan de aanbevelingen om te kiezen bij ver- of nieuwbouw voor kraamopfokhokken, de vloer bij de dragende zeugen in te strooien met stro of vergelijkbaar materiaal of te voorzien van rubbertoplaag en daarnaast bij iedere diercategorie met brongerichte maatregelen de ammoniakuitstoot aan te pakken.

Voor alle criteria verwijzen we u graag door naar: https://beterleven.dierenbescherming.nl/zakelijk/wp-content/uploads/sites/2/2026/02/Varkens-1-ster-versie-3.0-ZW-d.d.-02-05-2026.pdf

 

We denken graag met u mee over hoe u de huidige en toekomstige BLK-criteria effectief kunt implementeren binnen uw bedrijf.

 

Verlichting kraamstal heeft effect op melkproductie van zeugen en groei van biggen

Zeug met biggen in een goed verlichte kraamstal

Lichtintensiteit is, naast wateropname en kraamstalvoeropname, belangrijk voor de melkproductie van zeugen. Vanuit de rundveehouderij is bekend dat dagelijkse lichtintensiteit van grote invloed is op de melkproductie. Het lichtniveau en de lichtduur beïnvloeden de hormoonprocessen die betrokken zijn bij de melkproductie. Bij rundvee ziet men bij goed lichtschema de melkproductie met 6 tot 15% toenemen.

 

Wat is het werkingsmechanisme?

Net als bij mensen heeft licht invloed op de biologische klok, hormonen en energieniveaus. Bij voldoende licht zendt het zenuwstelsel van de zeug een signaal naar de hypofyse in de hersenen om het hormoon melatonine (slaaphormoon) te verlagen. Een lager aandeel melatonine zorgt dat de productie van het groeihormoon (IGF-1) wordt verhoogd. Het hogere aandeel van dit groeihormoon heeft een positief effect op de melkproductie en activiteit.

 

Welke effecten zijn zichtbaar in de stal?

Uit onderzoeken komt naar voren dat bij 16 uur licht:

– de biggen bij spenen zwaarder zijn ten gevolge van hogere melkproductie.
– de biggen tijdens de zoogperiode meer vast voer opnemen.

 

Waaraan voldoet een goed lichtschema?

Hieronder enkele tips om de verlichting in uw kraamstal te beoordelen.

  • Een dag-nachtritme van 16 uur licht en 8 uur donker geeft het beste resultaat.
  • Langer dan 16 uur licht is niet wenselijk en is zelfs negatief voor de melkproductie.
  • Tijdens de ‘daguren’  dient te worden gestreefd naar 150 lux en in de ‘nachturen’ naar 40 lux.
  • Vanzelfsprekend is het belangrijk dat de lampen regelmatig worden schoongemaakt en dat kapotte lampen worden vervangen.
  • Meet ook regelmatig de lichtintensiteit in uw stal met behulp van een luxmeter.

Vervangt u binnenkort de lampen in uw kraamstal? Of wilt u eens sparren over het verlichtingsbeleid op uw bedrijf? Wij denken graag met u mee.

Aangepaste KDV-eisen in 2026

Vanaf 1 januari 2026 gelden binnen de Keten Duurzame Varkenshouderij (KDV) strengere voorwaarden. Het is goed om na te gaan wat deze veranderingen betekenen voor uw bedrijf. En hoe uw voerleverancier(s) hierin kan meedenken.

 

De aanpassingen richten zich onder meer op het aantal dierdagdoseringen en op de efficiëntie van de mineralen benutting. Mineralen zoals fosfaat, stikstof, koper en zink. Dit wordt beoordeeld op basis van een jaarlijkse balans tussen wat het bedrijf binnenkomt en wat het bedrijf verlaat.

Fermentmix draagt bij aan efficiente voerbenutting

Een efficiënte dierprestatie speelt hierbij een grote rol. Gezonde varkens die optimaal groeien en produceren, zorgen per saldo voor een lagere mineralenuitscheiding. Het verlagen van de aanvoer via het voer is beperkt mogelijk. Voeders moeten immers blijven voldoen aan de voedingsbehoefte van uw dieren. Juist een goede benutting van nutriënten maakt het verschil. De unieke Fermentmix van Gebrs. Fuite draagt bij aan een efficiëntere benutting van voer en dus van de mineralen.

Hoogwaardige grondstof basis voor goede benutting

Een hoge verteerbaarheid van het voer is essentieel voor het behalen van de gestelde normen. Gebrs. Fuite selecteert grondstoffen die goed worden opgenomen en stuurt in de samenstelling op een efficiënte omzetting naar groei. Voor sporenelementen wordt gekozen voor goed opneembare vormen. Daarnaast dragen vezelrijke voeders in combinatie met de unieke Fermentmix bij aan een gezonde darmfunctie. Hierdoor kan het gebruik van koper worden beperkt.

Gebrs. Fuite al jaren SecureFeed gecertifieerd

Een nieuwe voorwaarde dit jaar is dat voerleveranciers een SecureFeed-certificering dienen te hebben. Deze certificering waarborgt de veiligheid van grondstoffen en voeders doormiddel van strenge controles en monitoring. Gebrs. Fuite is al vele jaren SecureFeed-gecertificeerd. Aan deze nieuwe eis wordt dus al voldaan.

Meer mogelijkheden voor gebruik circulaire grondstoffen

Jarenlang vormde de KDV-grondstoffenlijst de basis voor de voersamenstellingen  binnen het KDV-concept. Met de borging van SecureFeed-certificering zal de KDV-grondstoffenlijst vervallen. Hierdoor ontstaat meer ruimte voor het gebruik van circulaire reststromen in varkensvoer.  Dit ondersteunt zowel de kringloopgedachte als een lagere CO₂-voetafdruk van varkensvlees. Voor de berekening van de CO₂ footprint moeten voerleveranciers binnen het KDV-concept GMP+MI5.5 of MI5.7 gecertificeerd zijn. Gebrs. Fuite is hiervoor gecertificeerd en vermeldt dit duidelijk op de bulkbon.

 

 

 

Maïs zaaien: voorbereiden en bemesting voor een optimale opbrengst

De start van het maïsseizoen staat weer voor de deur. Een goede voorbereiding is belangrijk voor een hoge opbrengst en een sterke beginontwikkeling. In dit artikel leest u alles over de juiste bemesting en het kiezen van de beste rijenbemesting bij maïs zaaien.

Bemesting bij maïs: wat heeft uw gewas nodig?

Voor een optimale groei van maïs is naast drijfmest een aanvullende bemesting essentieel. Gemiddeld wordt 30-40 m³ drijfmest per hectare toegepast, aangevuld met rijenbemesting tijdens het zaaien.

Belangrijke voedingsstoffen bij maïs:

  • Stikstof (N): voor groei en opbrengst
  • Fosfaat (P): belangrijk voor wortelontwikkeling en opbrengst
  • Zwavel (S): ondersteunt stikstofbenutting
  • Borium (B): belangrijk voor korrelzetting en afrijping
  • Kalium (K): verhoogt opbrengst en stressbestendigheid

In veel situaties is het verstandig om extra kali bij te bemesten, afhankelijk van de bodemvoorraad.


Beste rijenbemesting voor maïs

Rijenbemesting speelt een cruciale rol bij een snelle en gelijkmatige opkomst van maïs. Een goede start zorgt voor een sterker gewas en uiteindelijk een hogere opbrengst.

Nu de derogatie niet meer van toepassing is mag er minder drijfmest op bedrijfsniveau worden uitgereden.

In onderstaande tabel kunt u zien wat de behoefte is uit kunstmest bij 35 m3 rundveedrijfmest

* werking N130% en Fosfaat 150%

Naast de traditionele maismeststoffen met alleen Stikstof, Borium en Zwavel leveren we nu ook weer volop meststoffen aangevuld met Fosfaat.

Extra fosfaat resulteert in:

  • Snellere beginontwikkeling
  • Betere wortelgroei

Efficiëntere nutriëntenopname

Zoals in bovenstaande tabel is te zien is een aanvulling met Kali uit kunstmest geen overbodige luxe.

Gewasrotatie als voorwaarde voor deelname aan het GLB

graszaden

Gewassen op bouwland roteren (GLMC 7) is één van de voorwaarden om deel te nemen aan het GLB. Dat staat te lezen op de website van RVO.

https://www.rvo.nl/onderwerpen/glb-2025/conditionaliteiten-glb-2025/gewassen-op-bouwland-roteren-glmc-7-2025

Zodra een bedrijf onder de minimumnorm van minimaal 75 procent grasland komt krijgt het te maken met de voorwaarde gewasrotatie. Deze regeling bestaat uit drie onderdelen:

  1. U teelt elk jaar op minimaal 1/3 van uw bouwland een ander gewas als hoofdteelt (andere gewascode) vergeleken met het vorige jaar. Of u teelt een of meer volgteelten (andere gewassoort) na de hoofdteelt. Het 1/3 deel waarop u moet roteren is het deel van de totale oppervlakte van uw bouwland. Inclusief de vrijgestelde oppervlakte. U leest hieronder meer over vrijstellingen.
  2. U teelt op uw percelen eens per 4 jaar een ander gewas (andere gewascode) als hoofdteelt.
  3. U teelt op zand- en lössgrond in de periode van 1 januari 2023 tot 1 januari 2027 één keer een rustgewas als hoofdteelt. Of u combineert teelten als rustgewas. Lees meer op Rustgewassen.

Vrijstelling voor deze regeling kan een bedrijf krijgen als er meer dan 75% van het areaal wordt ingezet als grasland of als meer dan 75% van het bouwland wordt ingezet als tijdelijk grasland, braak en/of vlinderbloemige gewassen.

Bedrijven die in 2026 vanwege het afschaffen van de derogatie minder dan 75% grasland hebben doen er goed aan dit goed uit te zoeken. Vooral punt 1 en 2 verdienen aandacht i.v.m. het opgeven van een andere gewascode als hoofdteelt.