Gewasrotatie als voorwaarde voor deelname aan het GLB

Gewassen op bouwland roteren (GLMC 7) is één van de voorwaarden om deel te nemen aan het GLB. Dat staat te lezen op de website van RVO.

https://www.rvo.nl/onderwerpen/glb-2025/conditionaliteiten-glb-2025/gewassen-op-bouwland-roteren-glmc-7-2025

Zodra een bedrijf onder de minimumnorm van minimaal 75 procent grasland komt krijgt het te maken met de voorwaarde gewasrotatie. Deze regeling bestaat uit drie onderdelen:

  1. U teelt elk jaar op minimaal 1/3 van uw bouwland een ander gewas als hoofdteelt (andere gewascode) vergeleken met het vorige jaar. Of u teelt een of meer volgteelten (andere gewassoort) na de hoofdteelt. Het 1/3 deel waarop u moet roteren is het deel van de totale oppervlakte van uw bouwland. Inclusief de vrijgestelde oppervlakte. U leest hieronder meer over vrijstellingen.
  2. U teelt op uw percelen eens per 4 jaar een ander gewas (andere gewascode) als hoofdteelt.
  3. U teelt op zand- en lössgrond in de periode van 1 januari 2023 tot 1 januari 2027 één keer een rustgewas als hoofdteelt. Of u combineert teelten als rustgewas. Lees meer op Rustgewassen.

Vrijstelling voor deze regeling kan een bedrijf krijgen als er meer dan 75% van het areaal wordt ingezet als grasland of als meer dan 75% van het bouwland wordt ingezet als tijdelijk grasland, braak en/of vlinderbloemige gewassen.

Bedrijven die in 2026 vanwege het afschaffen van de derogatie minder dan 75% grasland hebben doen er goed aan dit goed uit te zoeken. Vooral punt 1 en 2 verdienen aandacht i.v.m. het opgeven van een andere gewascode als hoofdteelt.