Naast 8 a 9 kg snijmais, energierijke brok en maisvlokken houdt de familie Aalbers zo lang als mogelijk vers gras in het rantsoen. Met een 305-dagen productie van 11.360 kg melk loopt het goed op het bedrijf. Met 410 kg vet en 413 kg eiwit per koe per jaar levert familie Aalbers meer eiwit af, dan vet. Dat de koeien zo veel eiwit produceren, daar is de familie Aalbers trots op. Ook resulteert dat in goed melkgeld, gezien eiwit bij de fabriek van Aalbers twee maal zo hoog wordt beloond als vet. De koeien zijn goed in conditie, laten de tocht goed zien en worden zeer gemakkelijk drachtig. De tussenkalftijd op het bedrijf is gemiddeld 389 dagen.
Negatieve energiebalans onvermijdelijk, maar moet wel zo kort mogelijk
Melkkoeien verbruiken – net als ieder ander zoogdier – begin lactatie méér energie dan ze op kunnen vreten. De koe verkeert in de ‘negatieve energie balans’: ze gebruikt lichaamsreserves voor de productie van melk. Koeien in de negatieve energiebalans zijn gevoelig voor klauwproblemen, infecties en worden slecht drachtig of niet tochtig. Ondanks dat het een normaal fenomeen is, is het wel belangrijk dat deze periode van energietekort zo kort mogelijk duurt.
Hoe beperk je de negatieve energiebalans?
De eerste stap om ervoor te zorgen dat koeien zo snel mogelijk weer in een pósitieve energiebalans komen, is zorgen dat koeien geen strobreed in de weg gelegd wordt om überhaupt te vreten. Zorg daarom voor voldoende vreetplaatsen en altijd fris voer voor het voerhek. Echter, ook vanuit de samenstelling van het voer kan het verschil gemaakt worden.
Figuur 1. De energiebalans van koeien herstelt sneller bij koeien die glucogene- i.p.v. lipogene energie kregen bij gelijke VEM in het rantsoen. Bron: WUR, Van Knegsel et al., 2014.
Bij Gebrs. Fuite veevoeders hebben ze een duidelijke visie hoe verse koeien goed gevoerd moeten worden. Door koeien de juiste energiebronnen te geven zijn ze zo’n 2 tot 3 weken sneller uit de negatieve energie balans (figuur 1). Celwanden en vet zijn beiden zogeheten ‘lipogene energie’. Lipogene energie stimuleert de melkvetproductie waardoor de koe dit weer uitscheidt via de melk en het niet als energiebron voor haar eigen lijf kan gebruiken. Hier heeft de verse koe dus niet veel aan. Zetmeel, een vorm van ‘glucogene energie’, is daarentegen juist een hele goede energiebron voor de verse koe. Het stimuleert lactose vorming wat melk-drijvend werkt, maar wordt ook als energiebron in het lijf van de koe gebruikt. Door een zetmeelrijk rantsoen te voeren aan de verse koe, zal haar negatieve energiebalans minder diep zijn en korter duren. Dit wordt ook beloond: productie van liters melk en melkeiwit zijn hoger en de koe is fit en vruchtbaar. De eerste signalen van overschakelen van een lipogeen- naar glucogeen rantsoen zijn vaak al snel zichtbaar: de kleur komt mooier op de koeien.
Heel bewust streven de adviseurs van gebroeders Fuite daarom naar een vlotte opstart qua liters en melkeiwit. Het resultaat: goed melkgeld en een fitte koe die goed opstart en gemakkelijk drachtig wordt.
De adviseurs van Gebrs. Fuite sparren graag sámen met u over de beste opstart voor de verse koeien. Neem hier contact op.