Zoolbloeding bij koeien: de eerste waarschuwing voor klauwproblemen

Een zoolbloeding is de meest voorkomende klauwaandoening bij melkvee (bron: CRV Handboek Kwaliteit 2020). Omdat een zoolbloeding niet altijd direct leidt tot kreupelheid, blijft deze aandoening vaak onopgemerkt. Toch is het belangrijk om zoolbloedingen serieus te nemen. Ze vormen namelijk vaak het voorstadium van ernstigere klauwproblemen, zoals zoolzweren, witte-lijndefecten en tussenklauwontstekingen.

Door vroegtijdig aandacht te besteden aan de klauwgezondheid van uw koeien, kunt u veel problemen voorkomen.

Waarom is de signaalfunctie van zoolbloedingen zo belangrijk?

Een zoolbloeding heeft een belangrijke signaalfunctie. Wanneer er op een melkveebedrijf veel zoolzweren of witte-lijndefecten voorkomen, zijn er vrijwel altijd ook zoolbloedingen aanwezig geweest. Door de oorzaak van zoolbloedingen aan te pakken, voorkomt u vaak ook andere klauwaandoeningen. Een goede klauwgezondheid draagt niet alleen bij aan het welzijn van uw koeien, maar heeft ook een positief effect op de voeropname, melkproductie en arbeidsgemak op het bedrijf.

Zoolbloeding is iets anders dan bevangenheid

Zoolbloedingen zijn zichtbaar als gele of rode verkleuringen in de zool van de klauw. Deze ontstaan meestal op dezelfde plaatsen in de klauw en worden veroorzaakt door mechanische overbelasting.

Waar vroeger nog wel eens naar het rantsoen werd gekeken als mogelijke oorzaak, is inmiddels duidelijk dat een zoolbloeding niet hetzelfde is als bevangenheid. Bevangenheid heeft wél een relatie met voeding en pensverzuring. Zoolbloedingen ontstaan daarentegen door overmatige druk op de klauw en niet door voedingsfouten.

Figuur 1. Zoolbloedingen. Bron: GD Diergezondheid

Een zoolbloeding is in feite een kneuzing van de klauw, waarbij het vaatbed beschadigd raakt. Een veelvoorkomende oorzaak is te weinig liggen. Koeien die onvoldoende rust krijgen, staan langer op hun klauwen, waardoor de kans op overbelasting toeneemt.

Zoolbloedingen voorkomen bij melkvee

In ongeveer tachtig procent van de gevallen ontstaat de eerste zoolbloeding bij verse vaarzen, aan het begin van de eerste lactatie. Koeien die eenmaal een klauwaandoening hebben gehad, lopen bovendien meer risico op nieuwe klauwproblemen. Preventie is daarom essentieel.

1. Bekap jongvee preventief

Bekap het jongvee zes tot acht weken vóór de eerste afkalfdatum. Door de klauwen tijdig in het juiste model te brengen, zijn deze minder gevoelig voor het ontwikkelen van zoolbloedingen.

2. Zorg voor voldoende ligtijd

Koeien moeten dagelijks minimaal twaalf uur kunnen liggen om hun klauwen voldoende te ontlasten. Voldoende comfortabele ligboxen met de juiste maatvoering vormen de basis voor een goede klauwgezondheid.

3. Bekap koeien op tijd en registreer klauwaandoeningen

Regelmatig en vakkundig bekappen helpt om klauwproblemen vroegtijdig te signaleren en te voorkomen. Door klauwaandoeningen te registreren, krijgt u bovendien inzicht in terugkerende problemen binnen uw koppel en kunt u gerichte maatregelen nemen.

Investeer in een goede klauwgezondheid

Klauwproblemen en kreupelheid kosten niet alleen tijd en geld, maar hebben ook dagelijks invloed op de voeropname en melkproductie van uw koeien. Op bedrijven met een goede klauwgezondheid loopt het werk letterlijk gemakkelijker.

Wilt u de klauwgezondheid van uw melkvee verbeteren of meer inzicht krijgen in de oorzaken van zoolbloedingen op uw bedrijf? Onze adviseurs denken graag met u mee.

Waar de klauwgezondheid op het bedrijf goed is, loopt het letterlijk gemakkelijker. Wij denken graag met u mee. Voor vragen kunt u altijd contact opnemen.

Kalium en natrium bemesting voor een optimale grasgroei in juli en augustus

Wilt u de grasgroei in de zomermaanden optimaal benutten? Dan is het verstandig om extra aandacht te besteden aan de kalium- en natriumvoorziening op uw grasland. Een goede kaliumbemesting verhoogt niet alleen de stikstofbenutting, maar draagt ook bij aan een gezonde en vitale grasmat.

Gras neemt gedurende het groeiseizoen grote hoeveelheden kalium op. Bij iedere maaibeurt wordt deze kalium met het geoogste gras van het perceel afgevoerd. Vooral op grasland met meerdere sneden per jaar kan dit leiden tot een snelle uitputting van de kaliumvoorraad in de bodem.

Daarnaast zorgen lagere giften van dierlijke mest voor een verminderde aanvoer van kalium. Door aangescherpte mestwetgeving en een lagere mestplaatsingsruimte wordt er minder dierlijke mest uitgereden. Hierdoor wordt vaak onvoldoende kalium aangevoerd om het verbruik van het gras te compenseren.

Kaliumtekort op grasland voorkomen

Een tekort aan kalium kan leiden tot een minder efficiënte stikstofbenutting en een lagere grasopbrengst.

Voorbeeldberekening kalibehoefte grasland

Berekening Hoeveelheid
Kali-afvoer bij 10 ton DS/ per hectare 360 kg K₂O/ha
Kali-aanvoer met 50 m³ mest* 270 kg K₂O/ha
Tekort 90 kg K₂O/ha

*Houd altijd rekening met de geldende stikstofgebruiksnormen.

Aanvullende kaliumbemesting

Een eenvoudige en effectieve oplossing om de kaliumvoorraad in de bodem op peil te houden, is het strooien van 150 kg Kali 60 per hectare. Daarnaast kunt u kiezen voor een gecombineerde meststof met stikstof en kalium, afhankelijk van de behoefte van uw grasland (zie tabel 1).

*) gekorrelde meststof met goed strooibeeld

Met een tijdige aanvullende kaliumbemesting zorgt u ervoor dat het gras optimaal kan blijven groeien, ook in uitdagende weersomstandigheden.

Waarom is kalium belangrijk voor gras?

Kalium speelt een essentiële rol bij verschillende processen in de plant, waaronder:

  • Het reguleren van de waterhuishouding.
  • Het transport van voedingsstoffen.
  • Een krachtige en gezonde groei.
  • Het verminderen van kroonroest.
  • Een betere weerstand tegen droogte.

Met name op lichte gronden is extra kaliumbemesting bij latere sneden sterk aan te raden. Tijdens droge perioden wordt vaak minder drijfmest uitgereden, waardoor de kaliumvoorziening onder druk komt te staan. Voldoende kalium helpt het gras om droogte beter te doorstaan en ondersteunt een hogere opbrengst.

Natrium bemesting verhoogt de smakelijkheid van gras

Naast kalium verdient ook natrium aandacht. Natrium draagt namelijk bij aan de smakelijkheid van gras, wat vooral tijdens de maand augustus een groot voordeel biedt.

Voldoende natrium zorgt voor:

  • Een langere graasduur.
  • Een hogere grasopname.
  • Een smakelijker rantsoen voor het vee.

Op lichte gronden wordt vaak een gift van 100 tot 150 kg bemestingszout per hectare toegepast. Ook melkveehouders op kleigronden ervaren positieve resultaten van een aanvullende natriumbemesting.

Advies over kalium- en natriumbemesting

Heeft u vragen over de juiste bemesting van uw grasland of wilt u advies over kalium- en natriumvoorziening? Neem gerust contact met ons op. Wij helpen u graag bij het maken van een passend bemestingsadvies voor uw situatie.

Wateropname bij melkvee: essentieel voor een optimale melkproductie

Water is het belangrijkste bestanddeel van melk en tegelijkertijd de grootste levensbehoefte van een melkkoe. Toch krijgt watermanagement op melkveebedrijven niet altijd de aandacht die het verdient. Bij het optimaliseren van de melkproductie ligt de focus vaak op het rantsoen, terwijl voldoende en kwalitatief goed drinkwater minstens zo belangrijk is.

“Hard melken is veelal lonend. Hierdoor gaat er veel aandacht naar het verhogen van de melkproductie van veestapels, waarbij het rantsoen één van de eerste punten is dat aandacht krijgt. De focus op het hoofdbestanddeel van melk, water, blijft echter nog wel eens achterwege”, aldus Martin Brandsma, rundveespecialist bij Gebrs. Fuite Veevoeders.

Waterverbruik van koeien monitoren

Een goede eerste stap om inzicht te krijgen in de wateropname van melkvee is het monitoren van het waterverbruik. Voor enkele tientjes is het al mogelijk om een watermeter te plaatsen die het dagelijkse en zelfs het waterverbruik per uur registreert. Uit praktijkgegevens blijkt bijvoorbeeld dat de wateropname van een melkveestapel sterk toeneemt vanaf 07.00 uur. Wanneer er om 06.30 uur wordt gevoerd, zoeken koeien direct daarna massaal de waterbak op. Dit laat zien hoe nauw de relatie is tussen voeropname en waterbehoefte.Wanneer het waterverbruik afwijkt van het normale patroon, is het belangrijk om mogelijke oorzaken snel te onderzoeken.

Waterkwaliteit: schoon drinkwater is cruciaal

De kwaliteit van het drinkwater heeft een grote invloed op de wateropname van koeien. Het regelmatig schoonmaken van waterbakken is daarom essentieel. Waterbakken die eenvoudig te legen en schoon te borstelen zijn, dragen bij aan een betere hygiëne. Materialen zoals roestvrij staal (RVS) hebben een glad oppervlak waarop minder aanslag achterblijft. Waterbakken met ruwe wanden zijn gevoeliger voor vervuiling en kunnen moeilijker volledig worden gereinigd.

Schoon drinkwater stimuleert de wateropname en ondersteunt daarmee een optimale melkproductie.

Voldoende toegang tot waterpunten

Naast waterkwaliteit is ook de toegankelijkheid van drinkwater van groot belang. Koeien moeten zonder belemmeringen bij de waterbak kunnen komen en voldoende ruimte hebben om rustig te drinken. Bij een te hoge bezetting of wanneer waterbakken buiten de looproute van de koeien zijn geplaatst, zal de wateropname afnemen. Strategisch geplaatste waterpunten, bijvoorbeeld bij het voerhek of in de buurt van de melkinstallatie, dragen bij aan een hogere wateropname. Een vrije toegang tot drinkwater is daarmee een belangrijke factor voor de gezondheid en productie van melkvee.

Zwerfstromen en aarding in de stal

Moderne melkveestallen bevatten steeds meer elektrische installaties, zoals melkrobots, ventilatoren, zonnepanelen en voersystemen. Een goede aarding van deze installaties is noodzakelijk om zwerfstromen te voorkomen. Zwerfstromen zoeken hun weg via goed geleidende materialen, waaronder stalinrichting en waterleidingen. Koeien kunnen deze elektrische spanningen waarnemen en zullen plekken waar zij dit ervaren zoveel mogelijk vermijden. Dit kan ertoe leiden dat zij minder drinken, met negatieve gevolgen voor de wateropname en melkproductie. Het controleren van de elektrische installatie en aarding van de stal mag daarom niet worden onderschat.

Watermanagement als basis voor melkproductie

Water is onmisbaar voor gezonde en productieve melkkoeien. Door het waterverbruik van de veestapel regelmatig te monitoren en aandacht te besteden aan waterkwaliteit, toegankelijkheid en elektrische veiligheid, kunnen melkveehouders de wateropname optimaliseren.

“Water is zeer essentieel voor de melkproductie en het is zinvol om de wateropname geregeld tegen het licht te houden”, besluit Brandsma. “Begin bij twijfel met het in kaart brengen van het watergebruik en loop vervolgens de verschillende factoren langs.”

Een goede watervoorziening vormt letterlijk en figuurlijk de basis voor een optimale melkproductie. Onze verkoopadviseurs denken graag met u mee.

Verhoog de voederwaarde van uw grasland met graslandvernieuwing

De maanden augustus en september zijn bij uitstek geschikt om grasland te vernieuwen. Een goede botanische samenstelling van uw grasland is essentieel voor een hoge droge stofopbrengst en betere voederwaarde. Door tijdig actie te ondernemen voorkomt u opbrengstverlies en haalt u meer uit uw grasland.

 

Wanneer is graslandvernieuwing nodig?

Een groene weide oogt vaak gezond, maar zegt niet altijd iets over de kwaliteit van het gras. Slechte grassen kunnen namelijk net zo groen zijn als de gewenste grassoorten. Controleer daarom regelmatig de botanische samenstelling van uw percelen. Trek op meerdere plekken een graspol met wortel uit de grond. Heeft het gras witte voetjes? Dan is de kans groot dat het om minder gewenste grassoorten gaat. Bij percelen met meer dan 10% open plekken of slechte grassen kan doorzaaien al een interessante optie zijn.

 

Grasland vernieuwen is aan te raden wanneer:

 

  • De droge stofopbrengst terugloopt.
  • Het aandeel goede grassen afneemt.
  • Er veel kale plekken aanwezig zijn.
  • Ongewenste grassen de overhand krijgen.

Hieronder een handig overzicht om te bepalen wat wijs is om te doen met een perceel.

Waarom grasland vernieuwen in het najaar?

Het najaar biedt ideale omstandigheden voor graslandvernieuwing. De bodemtemperatuur is nog relatief hoog, terwijl de groei van het bestaande gras afneemt. Hierdoor krijgt het nieuwe graszaad voldoende kans om zich goed te ontwikkelen.

  • Hoge bodemtemperatuur voor een snelle kieming.
  • Minder concurrentie van het bestaande gras.
  • Lage onkruiddruk.
  • Goede omstandigheden voor zowel herzaai als doorzaai.

Daarnaast is op veel melkveebedrijven de ruwvoerpositie na de zomer vaak gunstig, waardoor er ruimte is om percelen tijdelijk niet te benutten.

 

Eerst een grondonderzoek uitvoeren

Voordat u grasland gaat vernieuwen, is het verstandig om een grondonderzoek uit te voeren. Met name de pH-waarde van de bodem heeft grote invloed op de grasgroei. Een te lage pH zorgt ervoor dat voedingsstoffen minder goed beschikbaar zijn en remt de ontwikkeling van het nieuwe gras.Bij een lage pH is bekalken daarom vaak noodzakelijk om een optimaal resultaat te behalen.

 

Welk graszaadmengsel past bij uw situatie?

Het aanbod van graszaadmengsels en vlinderbloemige gewassen, zoals klavers, is de afgelopen jaren sterk uitgebreid. De juiste keuze is afhankelijk van het gebruik van uw perceel. Meer informatie over klaverteelt is hier te vinden. Belangrijke vragen zijn:

  • Gaat het om blijvend of tijdelijk grasland?
  • Wordt het perceel voornamelijk gemaaid of beweid?
  • Wilt u een combinatie van maaien en beweiden?
  • Past een kruiden- of klavermengsel binnen uw bedrijfsvoering?

 

Klavers kunnen bijvoorbeeld bijdragen aan de stikstofbinding en de voederwaarde van het grasland verhogen. Ook kruidenrijke mengsels winnen steeds meer terrein vanwege hun positieve bijdrage aan bodemleven en droogteresistentie. Deze link kan helpen om eenvoudig een passend mengsel te vinden. 

 

Aandachtspunten bij herinzaai van grasland

 

Gaat u grasland scheuren en opnieuw inzaaien? Houd dan rekening met de volgende aandachtspunten:

 

  • Breng de pH van de bodem vooraf op peil.
  • Meld het scheuren van grasland tijdig via mijn.rvo.nl.
  • Er gelden uiterlijke data voor graslandvernietiging.
  • Controleer altijd de actuele voorwaarden en eventuele vrijstellingen.

 

Gebrs. Fuite levert diverse gras-, klaver- en kruidenmengsels van gerenommeerde Nederlandse graszaadleveranciers. Wilt u weten welk mengsel het beste past bij uw situatie? Neem dan contact op met uw verkoopadviseur of onze verkoop binnendienst.

Extreme suikergehaltes eerste snede graskuilen 2026!

De weersomstandigheden in het voorjaar van 2026 waren uitzonderlijk gunstig voor de eerste snede gras. Februari 2026 was in Nederland zeer zacht, iets droger dan gemiddeld, maar aan de sombere kant. Maart was ook zeer zacht, opvallend zonnig en relatief droog, waardoor vroeg mest kon worden aangewend. De grasgroei kwam daardoor al vroeg op gang. April was ook weer zeer zonnig, zeer droog (gem 2 mm.) en iets zachter dan normaal. In april waren de nachten nog wel koud.

Door het zachte en zonnige weer, kon er eind april al op veel plekken een mooie snede worden ingekuild. Mei was een warme en zonnige maand met een sterk wisselend karakter. De maand begon zomers met hogere nachttemperaturen. De rest van de eerste snede kon daardoor in de eerste week van mei onder prima omstandigheden worden geoogst. Vanaf 11 mei viel er flink wat regen.

Zeer hoge voederwaarde en extreem hoog suikergehalte

Door het mooie weer eind april en begin mei, kon overal op het juiste moment worden ingekuild. En dat is terug te zien in de voederwaarden van de eerste snede zoals te zien in tabel 1. Ten opzichte van voorgaande jaren bevat de eerste snede van 2026  een uitzonderlijk hoog suikergehalte, erg laag ruwecelstofgehalte (RC) en een zeer hoge gemiddelde voederwaarde (VEM en DVE). Met gemiddeld 162 gram suiker per kilogram droge stof ligt het suikergehalte ruim boven het gemiddelde van de afgelopen jaren (114 g/kg DS). Ook de VEM- en DVE-waarden behoren tot de hoogste van de afgelopen vijf jaar.

Tabel 1: Voederwaarde eerste snede graskuil van de afgelopen jaren

 

Inkuilen in april levert hoogste suikergehaltes op

Door het zonnige weer eind april met lage nachttemperaturen zit in de graskuilen van april 2026 een extreem laag RC-gehalte en een extreem hoog suikergehalte. De eerste snede graskuilen van begin mei hebben ook een laag RC-gehalte en een hoog suikergehalte, maar niet zo extreem als de kuilen die in april zijn gemaakt.

Tabel 2: Voederwaarde eerste snede graskuil naar maaimoment

 

Let op voldoende structuur in het rantsoen

In het algemeen zullen de eerste snede graskuilen zeer smakelijk zijn, maar te weinig structuur bevatten. Stem het rantsoen daarom af op de kwaliteit van de eerste snede. Door voldoende structuur aan te vullen met bijvoorbeeld een structuurrijkere graskuil, stro of hooi blijft de penswerking optimaal en kan de hoge voederwaarde van deze graskuil maximaal worden benut. Onze verkoopadviseurs denken graag met u mee. 

 

Snijmaisoogst: zo haalt u het maximale uit uw maïskuil

Een succesvolle snijmaisoogst begint met het juiste oogstmoment en eindigt pas wanneer de kuil goed is afgesloten. Door aandacht te besteden aan de afrijping, korrelverwerking, verdichting en conservering haalt u meer rendement uit uw maïs en voorkomt u onnodige verliezen door broei en schimmels. In dit artikel zetten we de belangrijkste aandachtspunten voor de maisoogst en het inkuilen op een rij.

Bepaal het juiste oogstmoment

Het oogstmoment heeft grote invloed op zowel de opbrengst als de voederwaarde van snijmaïs. Een gezonde maïsplant slaat tijdens de afrijping nog ongeveer 3% zetmeel per week op in de kolf. Te vroeg oogsten kost dus zetmeel, terwijl te laat oogsten het inkuilen lastiger maakt. Streef naar een drogestofpercentage van 33 tot 38% van de gehele plant. Bij dit percentage zijn de korrels goed gevuld met zetmeel en is de restplant voldoende droog voor een goede conservering.

Zo beoordeelt u de rijpheid

Pluk op meerdere plaatsen in het perceel enkele kolven:

  • Breek enkele kolven open.
  • Snijd een aantal korrels doormidden.
  • Beoordeel de melklijn (zie afbeelding hieronder). Dit geeft een goede indicatie van het drogestof percentage.

Deegrijp (±50% DS korrel)
De korrel is donkergeel en nog vochtig aan de spilzijde. Over ongeveer een week is het ideale oogstmoment bereikt.

Hard deegrijp (±55% DS korrel)
De korrel is stevig, donkergeel en de melklijn is verdwenen. Dit is het ideale oogstmoment voor snijmaïs.

Volledig rijp (±60% DS korrel)
De korrel is hard, glazig en het zwarte puntje (black layer) is zichtbaar. Dit stadium is geschikt voor MKS en CCM.

Controleer daarnaast of de bladeren onder de kolf en de schutbladeren grotendeels zijn opgedroogd. Een gezond gewas is boven de kolf vaak nog groen.

Zorg voor een goede korrelkneuzing

Niet alleen het oogstmoment bepaalt de benutting van zetmeel. Ook de korrelverkleining is essentieel. Slecht gekneusde korrels verlaten de koe onverteerd, waardoor waardevol zetmeel verloren gaat. Controleer daarom tijdens het hakselen regelmatig de korrelgrootte en stel de korrelkneuzer indien nodig bij of stem dit af met de loonwerker. Vooral Flint-rassen vragen vaak om een intensievere kneuzing dan Dent-rassen.

Goed aanrijden voorkomt broei

Een goede verdichting is één van de belangrijkste voorwaarden voor een stabiele maïskuil. Zeker bij drogere maïs blijft gemakkelijk lucht tussen de gehakselde delen aanwezig. Zuurstof vergroot de kans op broei en schimmelvorming.

Let daarom op de volgende punten:

  • verdeel de maïs in dunne lagen over de volledige kuillengte;
  • neem voldoende tijd voor het aanrijden, over de volledige lengte van de kuil;
  • gebruik voldoende zware machines;
  • houd de banden schoon om vervuiling met grond te voorkomen.

Sluit de kuil snel en luchtdicht af

Na het inkuilen is snelheid belangrijk. Hoe sneller de kuil luchtdicht wordt afgesloten, hoe minder conserveringsverliezen optreden.

Voor een goed resultaat:

  • gebruik schoon en nieuw kuilfolie;
  • breng voldoende grond of ander gewicht aan;
  • voorkom dat er lucht onder het plastic achterblijft;
  • zorg voor een recht snijvlak bij het openen van de kuil.

Wanneer u zowel Dent- als Flint-maïs inkuilt, verdient het de voorkeur om Dent-maïs als eerste te voeren. Dent-rassen ontwikkelen na een korte inkuilperiode doorgaans sneller een hogere zetmeelverteerbaarheid dan Flint-rassen.

Voorkom zetmeelverlies met een inkuilmiddel

Om de conservering van uw maiskuil te verbeteren en de broei te remmen is het gebruik van een toevoegmiddel aan te raden. Wij kunnen inkuil middelen leveren van diverse leveranciers. Lees er hier meer over. 

 

Heeft u vragen over de afrijping van uw maïs, het ideale oogstmoment of het gebruik van inkuilmiddelen? Neem dan contact op met uw adviseur. Samen kijkt u naar de beste aanpak voor uw situatie en haalt u het maximale uit uw maïsoogst.

Voersilo reinigen nu nodig!

De laatste tijd is het erg warm geweest. Het gevolg is dat er gemakkelijk schimmelgroei plaats vindt.  Door grote schommelingen in temperatuur, treedt condensvorming op in voersilo’s. Door condensatie wordt de binnenkant van een voersilo vochtig, waardoor het aankoeken en de schimmelvorming meestal daar begint. Schimmels zorgen voor bederf van het voer, maar ook voor een muffe geur, waardoor de rest van het voer ook minder fris ruikt.

Na een warme vochtige periode is het verstandig of zelfs noodzakelijk wanneer een silo leeg is, deze van binnen te controleren, te reinigen en daarna met een Siloshot de nog aanwezige micro organismen (gisten en schimmels) af te doden.

Zorg ervoor dat:

  • de voersilo’s een keer helemaal leeg komen
  • deze vervolgens van binnen gereinigd worden
  • gisten en schimmels gedood worden met Siloshot

Siloshot is een mengsel van organische zuren die gisten en schimmels afdoden. Siloshot is gewoon bij de bulkbestelling te bestellen. Siloshot wordt door de bulkchauffeur in de silo geblazen alvorens het voer in de desbetreffende silo wordt geblazen.

 

Doorzaaien verhoogt opbrengst

Hittestress bij geiten voorkomen: praktische tips voor een optimale voeropname en melkproductie

De eerste warme dagen liggen alweer achter ons en ook de komende periode krijgen melkgeiten opnieuw te maken met hoge temperaturen. Hittestress bij geiten heeft een directe invloed op de voeropname, pensgezondheid en melkproductie. Door tijdig de juiste maatregelen te nemen, kunt u de negatieve gevolgen van warmte zoveel mogelijk beperken.

 

Tips om hittestress bij geiten te verminderen

  • Voer tijdens de koelere momenten van de dag, bijvoorbeeld vroeg in de ochtend of laat in de avond.
  • Accepteer wat meer restvoer, zodat geiten altijd beschikken over vers en smakelijk voer.
  • Voorkom onnodige stressmomenten, zoals verplaatsen of behandelen tijdens de warmste uren van de dag.
  • Ondersteun de pensgezondheid. Door hittestress neemt de (ruw)voeropname af, waardoor de kans op pensverzuring toeneemt. Verstrek daarom tijdig Fuite Buffermix of natriumbicarbonaat. Ook na een warme periode blijft buffering belangrijk, omdat het enige tijd duurt voordat het natuurlijke buffersysteem van de pens volledig is hersteld. Adviesdosering: 15 gram Fuite Buffermix per geit per dag.
  • Voeg extra structuur toe aan het rantsoen, bijvoorbeeld in de vorm van luzerne, hooi of stro. Dit ondersteunt een gezonde penswerking.
  • Verbeter de luchtverplaatsing in de stal met horizontale of verticale ventilatoren.
  • Overweeg dak- of nevelsproeiers om de staltemperatuur verder te verlagen.

 

Naast het beperken van hittestress is het belangrijk om broei in het basisrantsoen te voorkomen. Door Selko TMR toe te voegen, blijft het rantsoen langer koel, vers en smakelijk. Dit stimuleert de droge-stofopname (DS-opname), waardoor de melkproductie minder onder druk komt te staan. Bovendien ondersteunt een smakelijk en stabiel rantsoen de weerstand en conditie van uw geiten.

 

Controleer altijd de watervoorziening

Voldoende schoon en fris drinkwater is essentieel tijdens warme periodes. Controleer daarom regelmatig de watervoorziening en zorg ervoor dat alle geiten onbeperkt toegang hebben tot schoon drinkwater.

 

Door tijdig aandacht te besteden aan voeding, ventilatie, water en rantsoenkwaliteit beperkt u de gevolgen van hittestress en houdt u de voeropname, gezondheid en melkproductie van uw geiten zo goed mogelijk op peil. Wilt u graag een advies dat helemaal past bij uw bedrijf? Neem dan contact op met uw verkoopadviseur geiten of onze verkoopbinnendienst.

 

 

Uw vee verdient een fris rantsoen

Elke zomer gaat er veel VEM’s verloren in (gemengde) rantsoenen door het ontstaan van broei.

Wat zijn de gevolgen van broei?

De gevolgen van broei in het rantsoen zijn aanzienlijk. Gisten en schimmels gebruiken de suikers in het rantsoen als brandstof, wat leidt tot de productie van CO2 en vocht. Dit kan worden versterkt door factoren als temperatuur, vocht en zuurstof. Dit resulteert in een verlies van voedingswaarde (VEM), verminderde opname van droge stof, selectief eetgedrag en uiteindelijk een daling in melkproductie. Bovendien zetten deze microbiële activiteiten de darmgezondheid en het immuunsysteem onder druk.

Dit in combinatie met voederwaardeverliezen verminderd de prestaties van de veestapel. Vooral tijdens de zomermaanden vormt dit een extra uitdaging door hittestress bij uw vee .

Voorkomen van broei/opwarming in het rantsoen

Enkele tips om broei in het rantsoen zoveel mogelijk te beperken;

  • Maak gebruik van broeiremmers bij het inkuilen
  • Maak niet te veel kuil open. Hou voldoende druk op de kuil
  • Werk met gladde snijvlakken aan de kuil
  • Laat geen resten voer voor de kuil liggen
  • Voorkom regeninslag op de kuil
  • Bij hitte 2x daags voeren en/of gebruik van broeiremmer

 

Door gebruik van broeiremmers in het rantsoen kunt u verdere opwarming aan het voerhek voorkomen.

Om bij te mengen leveren wij de volgende producten:

Selko TMR

Afb 1. Selko TMR

 

Kaliumsorbaat

  • Voeg 300 gram toe per ton voer tijdens het mengen.
Afb 2. Kaliumsorbaat

 

Wilt u weten wat het beste past in uw situatie? Vraag het uw verkoopadviseur of onze verkoopbinnendienst.

Melkveebedrijf De Wilde zet Prominend AdLib naar tevredenheid in

Familie de Wilde van Boerderij de Paswever in Enter melkt 130 koeien met twee melkrobots en produceert jaarlijks ongeveer 1,2 miljoen liter melk. Naast de melkveetak houden zij vleesvee, waarbij maandelijks twee dieren worden geslacht voor de eigen vleesverkoop. Bert, Jenny en zoon Rudi runnen het bedrijf samen. Op ruim 55 hectare cultuurgrond en 15 hectare natuurgrond verbouwen zijn onder andere mais  en produceren zij ruwvoer. De natuurgrond langs de Regge wordt ingezet voor de begrazing door het vleesvee.

 

Waarom overstappen op onbeperkt melk voeren?

Een aantal jaren geleden besloot de familie om stierkalveren aan te houden voor de vleesverkoop. Omdat het voeren van de kalveren dus arbeidsintensiever werd, gingen ze op zoek naar een efficiënte manier om meer kalveren tegelijk te voeren. En dus besloot men de kalveren onbeperkt melk te voeren. Hoewel er aanvankelijk twijfels waren over de melkopname en gezondheid van de kalveren, bleek deze manier van voeren uitstekend te passen.

Bert de Wilde bij de eenlingboxen

Kalveropfok met Prominend AdLib

Eind vorig jaar adviseerde Cas Steunebrink, verkoopadviseur jongvee, om de Prominend Ad Lib te proberen. Ieder kalf start met vier liter kwalitatieve biest (waarvan de kwaliteit altijd wordt gecontroleerd). Indien nodig wordt gebruik gemaakt van ingevroren biest. Na twee dagen krijgen de kalveren Prominend AdLib. In de eerste twee weken wordt opgebouwd van vier naar zes liter melk per dag. Vervolgens verhuizen de kalveren naar groepshokken waar zij onbeperkt melk kunnen drinken uit een voorraadvat dat tweemaal daags gevuld wordt. De gemiddelde melkopname ligt dan rond de 12 tot 15 liter per dier /dag. Hygiëne speelt hierbij een belangrijke rol. Dagelijks worden het vat en de slangen grondig gereinigd om zo bacteriegroei te voorkomen.

Eenvoudig voeren met de melktaxi

De melk wordt aangemaakt met een Easy Milk Mixer. Door lauw water (20-30 ⁰C) te mengen met Prominend AdLib ontstaat snel een volledig klontvrije melk. Volgens Bert lost de melkpoeder opvallend goed op, zelfs bij lage temperaturen. Voor het drinken gebruikt de Wilde Peach-teat spenen. Deze stimuleren het natuurlijke zuiggedrag en zorgen ervoor dat kalveren goed leren drinken.

 

Gezonde groei en eenvoudig spenen

Naast melk krijgen de kalveren vanaf jonge leeftijd smakelijk hooi, kalvermuesli en AdLib-kalverbrok. Hierdoor ontwikkelt de pens zich goed en kunnen de kalveren op een leeftijd vanaf tien weken in één keer worden gespeend. Sinds de overstap naar Prominend AdLib heeft De Wilde geen achterblijvers gehad. Eventuele zieke kalveren worden direct behandeld, zodat ze snel weer voldoende melk opnemen en hun groei behouden.

 

Ervaringen met Prominend AdLib

Volgens Bert bevalt de Prominend AdLib uitstekend. De melkpoeder mengt snel, is eenvoudig te voeren en bespaart energie doordat het water niet sterk verwarmd hoeft te worden. De combinatie met de melktaxi maakt het voeren efficiënt, ook wanneer er veel kalveren zijn. Bert adviseert collega melkveehouders om niet te besparen op melkpoeder of liters melk. Kalveren die voldoende melk krijgen ontwikkelen zich beter en bouwen een sterkere weerstand op. Zijn belangrijkste tip: geef kalveren de ruimte om te drinken wat zij nodig hebben en zorg altijd voor voldoende ruwvoer, krachtvoer en schoon drinkwater.